Aardse bloemen, heilige Schrift
Eimear |
Monday, April 22, 2013 at 11:48PM
Ik zorgde voor een beetje menselijkheid tijdens de mis. Tijdens mijn maandelijkse job als lector, stootte ik een bloemstuk van de preekstoel met het boek der lezingen. Per ongeluk, uiteraard. De pastoor kon zijn lach niet inhouden en rest van de kerkgangers konden ook hun 'straight face' niet behouden. Maar wat minder grappig is, is dat ik ook nog het homilie-spiekbriefje van de pastoor liet neerdwarrelen … Ik had het net op tijd, heel onsubtiel, terug op de preekstoel gelegd.
Het spreekwoord 'fouten maken is menselijk' wordt al te vaak gebruikt. Menselijkheid mag wel eens wel eens voorkomen in een al te goddelijke kerkdienst. De klap, toen het boeket de grond raakte, bracht de parochianen even, heel even, terug naar de werkelijkheid. Ik gaf ze ook een nieuw gespreksonderwerp voor na de mis.
Mijn onhandigheid bracht deze keer meer goeds dan slechts.
Witte Donderdag
Isabel |
Thursday, March 28, 2013 at 11:03PM
Veel misdienaars en 12 jonge apostelen, onze pastoor en onze diaken-bijna-priester. De klokken vertrokken aan het begin van de mis onder luid gelui en getingel naar Rome. De mooie lezingen, met de instellingswoorden van het avondmaal.
Een prachtige homilie over sterven en niet vergeten worden. De voeten van de jonge apostelen werden gewassen. De priester trok zijn bovenkleed uit, knielde en waste hen de voeten. Het ging traag, zodat we terdege konden stilstaan bij dit gebeuren.
Muisstil was het, op het gekir van enkele baby’s na.
Alles verliep langzaam. dit was immers een afscheid. Scheiden doet lijden en we hielden Hem graag nog wat langer bij ons. Nog even, nog niet weggaan...
Maar dan was het ogenblik van afscheid onherroepelijk daar: onder geleide van 9 lantaarns werd het heilig sacrament naar het rustaltaar gebracht. Nog een laatste blik. Komt laten wij aanbidden. Tantum ergo sacramentum veneremur cernui...
Onder de indruk en ingetogen verlieten we de kerk. Het sneeuwde!
Ontegensprekelijk Witte Donderdag!
Tevreden?

En nu? Ze denken: "Tja, nu het is te laat".
Meestal is dat niet waar. Maar in principe hebben ze gelijk. Als je tijdens je jeugd niets bereikt is de kans groot dat je dat later ook niet gaat doen. Dit is geen bericht van noodlot. Ik wil enkel een paar ogen openen. Het kan natuurlijk dat jouw ogen al open zijn. In dat geval, proficiat! En voor jullie die nog stekeblind zijn, er is nog hoop! Het staat niet vast dat je later in McDonalds werkt.
Desalniettemin, je moet een 'game plan' hebben. Maak desnoods een lijst met dingen die je wilt bereiken in je leven. Heb ik ook gedaan. Een 'Bucket list' heet dat. Bij mij staan er de gekste dingen op: zoals in een luchtballon varen bij zonsondergang en 'La Vie En Rose' zingen bovenop de Eiffeltoren. Maar meestal zijn het dingen zoals: gitaar leren spelen, vloeiend Portugees kunnen praten, Canterbury Cathedral bezoeken...
Ik zeg niet dat zo'n lijst magische krachten bevat. Toch is het een overzicht van zaken die je gedaan hebt en nog moet/kan doen. Je bent jong! Bereik iets waar je trots op kan zijn. Iets dat nut heeft, iets dat je interesseert, iets waar je later op kan terugdenken en kan zeggen: Ik ben tevreden. - Eimear
Spruitjes in de hemel
Isabel |
Sunday, June 3, 2012 at 3:02PM 
"Ik wil niet naar de hemel als ik doodga want het is daar saai. Ze hebben daar zelfs geen computers!" Mijn technologieminnende zoon van 7 had erover nagedacht: zonder internet hoefde de hemel voor hem niet.
Regelmatig vragen onze kinderen ons over de hemel. Vroeger kwamen we niet veel verder dan dat het er mooi zou zijn, mooier dan we ons kunnen inbeelden, dat we altijd bij God zouden zijn, geen pijn meer en geen verdriet.
"Ja maar, wat gaan we er DOEN?" Tja, als we dan zeggen: "Oh, we gaan voor eeuwig voor Gods troon zitten en Hem aanbidden!", dan denk ik dat er bitter weinig kandidaten voor de hemel zullen zijn onder onze kinderen. Geef toe: in kinderoren klinkt dat als een eeuwigdurende Mis, zwijgen en stilzitten incluis. Of in de eeuwigheid lofliederen zingen? Dat gaat na een tijd vervelen en je wordt er hees van. En welk kind wil er dat nu? En bij uitbreiding: welke volwassene?
Dus hoe is de hemel dan? Hoe beschrijf je zoiets goddelijks met onze immerfalende mensenwoorden? De hemel is de ultieme zaligheid, ons nog ongekend, maar kinderen kennen wel aardse "zaligheid": waterpret in de zomer, ijsjes, frieten, ravotten in de tuin, vakanties in de zon, tijd voor elkaar, spelen met hun vriendjes, sneeuwpret, ...
"Zijn er computers in de hemel?" "Ja hoor, als jij computers fijn vindt, dan hebben ze die zéker in de hemel" "En snoepjes, chocola? Mag je fietsen in de hemel? En voetballen?" "Natuurlijk, en je verveelt je nooit en het smaakt altijd lekker!"
"En spruitjes?" vraagt een kind dat graag spruitjes eet. "Tuurlijk!" antwoordt een ander kind "En Moeder Maria maakt ze klaar!"
Zeven kinderen! De ultieme zelfkastijding!
Isabel |
Thursday, May 10, 2012 at 11:21PM
Nu besef ik dat ik wel erg asociaal klink en dat zou ook zo zijn als dit een gemoedelijk burenbezoekje zou zijn. Maar onze buurvrouw maakt dankbaar gebruik van de verstrooidheid van onze postbode om alle informatie, die ze zo lang en zo smartelijk moet ontberen, op een zo kort mogelijke tijd in te winnen. Uitgehoord aan mijn eigen achterdeur. Ze doet ook niet de minste moeite om subtiel te zijn, alles wordt rechtuit gevraagd en elk van mijn antwoorden wordt nog eens uitgebreid becommentarieerd.
Enkele dagen geleden was dus weer een hoogdag voor onze nieuwtjesgarende buurvrouw. Onze plaatselijke Pieter Post had waarschijnlijk wat anders aan zijn hoofd en een deel van onze post belandde in haar bus. Hiep hiep hoera, wat een doordeweekse dag dag leek te worden, veranderde op slag in een dag met stip. Enkele momenten later stond ze aan onze achterdeur. Vol verwachting klopte haar hart maar - ramp oh ramp - onze poetsvrouw deed open.
Of mevrouw thuis was. Ja, maar die kon nu niet aan de deur komen. Mijn alerte poetsvrouw weet dat ik er er totaal niet mee gediend ben en besloot die dag een goede daad te verrichten. Onze buurvrouw die vreesde dat haar infoqueeste totaal vruchteloos zou zijn, besloot dan maar de poetsvrouw op de rooster te leggen. "Die is in verwachting van haar zesde, zeker?" In mijn overijverige verbeelding hoor ik een schandaaltoontje in haar stem, maar ik was er natuurlijk niet bij. "Oh nee," antwoordde de poetsvrouw (ook hier klinkt er in mijn verbeelding een zekere triomf in haar stem door), " Van haar zevende!" Het gesprek duurde daarna niet lang meer. Ik was gespaard van een uithoorsessie en mijn buurvrouw kwam toch niet van een al te kale reis thuis.
En nu moet ik, telkens als ik moet vertellen dat het hier om ons zevende kindje gaat, denken aan onze buurvrouw. In feite is ze representatief voor de meeste mensen in de buurt. Zeven kinderen. Hallucinant! Ze reageren alsof het om een vorm van zelfpijniging gaat. Wie zou zichzelf zoiets willen aandoen? Ga toch voor de obligate 2,4 kinderen (de standaard 1,2 kinderen) en je hebt je maatschappelijke plicht vervuld. Zeven! Al die luiers, vuile billetjes, neusjes te vegen, waaknachten ...
Hoe pijnlijk sommige reacties ook zijn, ik kan er begrip voor opbrengen. Meer kinderen betekent natuurlijk meer werk, minder vrije tijd of tijd voor jezelf. Kids zijn nu eenmaal arbeidsintensieve wezentjes. En hoe hoger je kindertal, des te meer variabelen in je leven. Praktisch is het dus niet! En duur is het ook!
Misschien wringt daar net het schoentje. Tegenwoordig moet alles 'nuttig' zijn. En onder 'nut' verstaat men 'economisch rendabel'. En laat een groot gezin dat nu net niet zijn.
Soms als mensen mij zeggen dat zes kinderen toch wel echt veel is, heb ik zin om mijn nageslacht op een rijtje te zetten en aan die persoon te vragen welke van de zes beter niet geboren was. Natuurlijk als je al die heerlijke snoetjes voor je ziet, is er geen eentje te veel. En zo is het: elke persoon is uniek en niet minder kostbaar omdat die toevallig het zesde of zevende kind in een gezin is.
Ten slotte wil ik toch wel even verduidelijken dat dit geen veroordeling is van 'kleine' gezinnen. In zijn 'Brief aan de Gezinnen' spreekt paus Johannes Paulus II over de soevereiniteit van het gezin. Een koppel moet zelf, zonder externe druk, in eer en geweten beslissen hoeveel kinderen hun gezin aan kan, rekening houdend met financiën, gezondheid,... Maar die soevereiniteit houdt ook in dat de maatschappij geen druk mag uitoefenen indien men het sociaal aanvaarde kindertal overstijgt.
Met enig vermaak beseffen we dat ons gezin het moderne equivalent van de 'dorpsgek' is. Ons gezin gaat in ons dorp over de tongen. Mijn zus vertelde me dat we aan de schoolpoort van het dorp een dankbaar gespreksonderwerp zijn: in verwachting van een zevende, gaan niet naar school (we zijn homeschoolers, maar dat is voor een volgende blogpost) en we spreken thuis Engels.
Och, we laten het niet aan ons hart komen. Ik streel mijn bolle buik en kijk uit naar een nieuw mensje. Een nieuwe en unieke persoon, nog helemaal te ontdekken. Ongeboren maar door iedereen hier in huis zo gewenst en zo geliefd.
Welkom nummertje zeven!


